Een school met geschiedenis.


Kort na hun komst naar Zeist (1746) begonnen de Hernhutters met huisonderwijs aan hun kinderen. Geleidelijk kreeg dit onderwijs meer bekendheid door de goede naam die het had (zie ook hoofdstuk 1). Bekende Nederlanders als de schrijver Dick Bruna, de dichter Hendrik Marsman en de historicus, schrijver en PC Hooft-prijswinnaar Arthur Lehning bezochten de scholen. De Comeniusschool zet vandaag de dag die lange onderwijstraditie voort:
1750 - 1773 jongensschool
1752 - 1773 meisjeskostschool
1773 - 1967 dagschool voor meisjes
1775 - 1967 dagschool voor jongens
1818 - 1892 meisjesinternaat/ kostschool
1820 - 1881 jongensinternaat/ kostschool
1849 - 1985 kleuterschool
1889 - 1932 jongensinternaat
1897 - 1973 meisjesinternaat
1967 - 1985 Comeniusschool voor gewoon lager onderwijs
1985 - heden Comeniusschool voor basisonderwijs
 
Voor geïnteresseerden geven wij hier nog in vogelvlucht een stukje geschiedenis van de Evangelische Broedergemeente (de Hernhutters) weer. Wie meer wil weten, kan op school en bij de EBG de nodige literatuur vinden.
De Broedergemeente ziet terug op een verleden van meer dan vijf eeuwen. Haar oorsprong ligt in Tsjechië. Toen Johannes Hus in 1415 ter dood veroordeeld werd en op de brandstapel zijn leven liet, begon de onrust in Bohemen en Moravië. Een groot deel van het volk maakte zich los van de rooms-katholieke kerk. Een kleine groep trok zich omstreeks 1457 terug in het dorpje Kunwald in Oost-Bohemen. Men wilde leven in navolging van Jezus en met de bijbel als enige leidraad.

In 1476 koos men eigen voorgangers. Zo ontstond de Broedergemeente. Zij ontwikkelde nauwelijks een eigen theologie, maar stond open voor zowel het lutheranisme als het calvinisme. Vanaf het begin is de Broedergemeente vervolgd en tot 1795 is zij nooit door de overheid erkend. In Bohemen en Moravië werd zij grotendeels uitgeroeid. De laatste bisschop, Jan Amos Comenius, de Tsjechische ‘vader des vaderlands’ moest ook vluchten. Hij stierf in 1670 in Amsterdam. Hij ligt begraven in Naarden.
De overgebleven Moravische Broeders kregen omstreeks 1720 nieuwe perspectieven. Enkele protestantse vorsten en edelen in het zuiden van Oost-Duitsland wilden hen graag opnemen en zo kwamen de Broeders op het landgoed van de graaf Von Zinzendorf terecht, waar zij een eigen woonplaats bouwden die sinds 1724 Herrnhut heet (onder ‘s Heren hoede). Herrnhut werd hun centrum. In 1732 trokken twee Broeders naar het Westindische eiland Sint Thomas om onder de negerslaven (en dat was iets ongehoords) te gaan werken. Dit is het begin van de Herrnhutter zending.
In verband met die zending kwamen de  Broeders in 1734 in Nederland, in Amsterdam, Haarlem en ‘s-Herendijk bij IJsselstein. De strenge calvinisten maakten het hen echter niet makkelijk en dus ging men op zoek naar een plaats met meer vrijheid. Amsterdamse vrienden kochten toen de heerlijkheid Zeist, waar in 1746 op het Slot een grote synode werd gehouden en waar in de volgende jaren een nieuwe nederzetting werd gebouwd: het tegen-woordige Zuster- en Broederplein. Vroeger stonden de scholen daar ook, maar nu vindt men de Comeniusschool aan de Zinzendorflaan. De huidige schoolver-eniging bestaat sinds 1896. Onderwijs, uitgaande van de Broedergemeente in Zeist is er al sinds 1750. U ziet: wij zijn een school met een lange geschiedenis.